COVID-19: Financiële ondersteuningsmaatregelen en risico's
Inleiding
In dit hoofdstuk schetsen we een beeld van de mogelijke financiële effecten van de COVID-19 crisis, brengen we de financiële ondersteuningsmaatregelen en risico's zo goed mogelijk in beeld.
De huidige crisis en de ontwikkelingen noodzaken dat we moeten sturen met grote onzekerheid. We volgen daarom nauwgezet alle ontwikkelingen en gevolgen voor onze inwoners, bedrijven en instellingen. Uiteraard ook de gevolgen voor onze eigen begroting.
We volgen kritisch alle landelijke ondersteuningsmaatregelen en bepalen welke aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn. We hebben een goede algemene reserve. Tijdens het COVID-19 heeft de gemeenteraad via een motie besloten om deze reserve in te zetten om de COVID-19 schade te betalen.
Financiële effecten COVID-19 crisis
In de programmabegroting 2021-2024 hebben we een beeld geschetst van de mogelijke financiële effecten van de COVID-19 crisis voor gemeenten. Dit op basis van een extern bureau, die hiernaar in opdracht van het kabinet onderzoek heeft gedaan. Dit onderzoek ging om alle activiteiten van gemeenten en alle effecten: meer uitgaven, minder inkomsten en ook financiële meevallers. Dit onderzoek is gedaan via een dieptestudie bij 10 gemeenten en vervolgens zijn deze uitkomsten getoetst door 90 andere gemeenten, waaronder ook de gemeente Oss.
Uit het onderzoek zijn 42 relevante gevolgen van de COVID-19 crisis naar voren gekomen:
Blauw: meer uitgaven/ Rood: minder inkomsten/ Groen: financiële meevallers
De top 10 van grootste financiële effecten voor gemeenten zijn (landelijke cijfers):
- Extra uitgaven (bijzondere) bijstand
- Minder inkomsten parkeren
- Minder inkomsten toeristenbelasting
- Ondersteuning sociaal werkbedrijven
- Extra uitgaven sport
- Lagere retributies en leges
- Lagere precario- en reclamebelasting
- Extra uitgaven cultuurpodia
- Extra uitgaven schuldhulpverlening
- Ondersteuning jeugd- & Wmo
Wat opvalt is dat de gevolgen van de COVID-19 crisis breed en divers zijn. Het sociaal domein van gemeenten wordt relatief hard geraakt: er zijn veel en relatief grote financiële effecten in het sociaal domein. Daarbij speelt dat de grotere uitgaven op bijzondere bijstand ook doorwerken na 2020.
Financiële compensatie vanuit het Rijk
In mei, augustus en december 2020 zijn compensatiepakketten vanuit het Rijk voor mede-overheden bekend gemaakt. Dit omdat gemeenten ook veel geld extra uitgeven en ook inkomsten mislopen.
Het totale compensatiepakket voor de jaren 2020 en 2021 ziet er als volgt uit:
Onderdeel | Toelichting | Landelijk bedrag | Bedrag Jaar 2020 | Bedrag Jaar 2021 | Totaal |
---|---|---|---|---|---|
Accres | Het accres wordt voor de jaren 2020 en 2021 bevroren. We laten dus systematiek van samen de trap op en samen de trap af los. | Verwerkt in meicirculaire | - | - | - |
Opschalings-korting | Besloten is om de opschalingskorting in de jaren 2020 en 2021 incidenteel te schrappen. Dit leidt tot hogere algemene uitkering. | € 70 miljoen in 2020 en € 160 miljoen in 2021. | € 353.000 | € 805.000 | € 1.158.000 |
BTW- compensatie-fonds | Ook dit wordt bevroren. | Verwerkt in meicirculaire | - | - | - |
Compensatie gemiste inkomsten | Compensatie voor gemiste toeristenbelasting. Verdeling o.b.v. begroot bedrag 2020 in Oss. | € 100 miljoen | € 57.000 | € 57.000 | |
Compensatie voor gemiste parkeerbelasting. Verdeling o.b.v. begroot bedrag 2020 in Oss. | € 125 miljoen | € 307.000 | € 307.000 | ||
Compensatie voor gemiste precariobelasting/ marktgelden en evenementenleges | € 20 miljoen | € 50.000 | € 50.000 | ||
Reservering voor aanvullende compensatie. In de decembercirculaire is dit bedrag verhoogd tot € 250 miljoen. Uitkering na analyse van jaarrekeningen gemeenten. | € 250 miljoen, gereserveerd | pm | PM | pm | |
Inkomstenderving 1e kwartaal 2021 | pm | pm | |||
Zorg | Inhaalzorg en meerkosten Jeugdzorg | € 34,3 miljoen | € 194.000 | € 194.000 | |
Inhaalzorg en meerkosten Wmo 2015 begeleiding | € 11,7 miljoen | € 72.000 | € 72.000 | ||
Afrekening continuïteit van zorg Wmo 2015 | € 20,4 miljoen | € 123.730 | € 123.730 | ||
Inhaalzorg en meerkosten maatschappelijke opvang (gelden als centrum-gemeente voor de regio) | € 98 miljoen | € 828.847 | € 820.000 | ||
Continuïteit van zorg beschermd wonen | € 5,6 miljoen | € 61.669 | € 61.669 | ||
Noodopvang kinderen met ouders cruciaal beroep. Deze opvang is zonder extra kosten ouders. Medio maart tot 1 juli. | € 23 miljoen | € 109.000 | € 109.000 | ||
Compensatie inkomstenderving eigen bijdrage Wmo. Deze werd door SVB in die periode niet geïnd voor gemeenten. Maanden april en mei 2020. | € 18 miljoen | € 106.000 | € 106.000 | ||
Vergoeding uitvoering Tijdelijke overbruggings-regeling zelfstandige ondernemers (TOZO) | € 2 miljard | € 16.170.078 | € 16.170.078 | ||
Aanvullend pakket re-integratiekosten | € 39,3 miljoen in 2020 en € 88,4 miljoen in 2021 | € 130.452 | € 300.025 | € 430.477 | |
Impuls re-integratie | € 48,3 miljoen | € 160.211 | € 160.211 | ||
Gemeentelijke schuldenbeleid | € 15 miljoen in 2020 en € 30 miljoen in 2021 | € 75.019 | € 153.366 | € 228.385 | |
Bijzondere bijstand | € 5 miljoen in 2020 en € 10 miljoen in 2021 | € 25.966 | € 53.083 | € 79.049 | |
TONK: Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten voor huishoudens die in ernstige problemen komen | Maximaal € 130 miljoen gereserveerd eerste halfjaar 2021 | pm | pm | ||
Compensatie quarantainekosten | € 4 miljoen | € 19.378 | € 19.378 | ||
GGD en Veiligheidsregio's | De compensatie vindt plaats op basis van werkelijke kosten. Loopt niet via de gemeente. | nvt | nvt | nvt | |
Voorschoolse voorziening peuters | In de periode van 16 maart tot en met 7 juni is de kinderopvang (gedeeltelijk) gesloten. Ouders/ verzorgers zijn in maart opgeroepen om de rekening voor de opvang te blijven betalen. Om de eigen bijdrage van de ouders/ verzorgers te vergoeden ontvangen we compensatie. | € 8,3 miljoen | € 42.000 | € 42.000 | |
Vrijwilligersorganisaties Jeugd | Compensatie voor organisaties zoals scouting en speeltuinen. | € 7,3 miljoen | € 37.000 | € 37.000 | |
Perspectief jeugd en jongeren: gerichte financiële impulsen om samen met jongeren, lokale organisaties en evenementensector kleinschalige activiteiten te programmeren. | € 58,5 miljoen | pm | pm | ||
Sociale werkbedrijven (participatie) | Verwachte tekorten bij SW bedrijven door (gedeeltelijke) sluiting en wegvallen opbrengsten. 1 maart tot 1 juni. | € 90 miljoen | € 894.000 | € 894.000 | |
Idem voor de periode 1 juni tot en met 31 december 2020. | € 50 miljoen | € 497.000 | € 497.000 | ||
Sport | Compensatie inkomstenderving kwijtschelden huren aan sportverenigingen. Voor de periode 1 maart tot en met 1 juni 2020. | € 90 miljoen | € 126.423 | € 126.423 | |
Zwembaden en ijsbanen | € 100 miljoen | loopt via aparte uitkering | |||
Culturele voorzieningen | Overeind houden lokale en regionale cultuur sector (bibliotheek, muziekscholen, centra voor kunsten, musea, theater e.d. ) | € 60 miljoen | € 309.000 | € 309.000 | |
Idem, maar dan voor de periode 1 juni tot en met 31 december. | € 60 miljoen | € 302.000 | € 302.000 | ||
Lokale culturele infrastructuur ondersteunen voor het jaar 2021 | € 150 miljoen | € 576.131 | € 576.131 | ||
Buurt- en dorpshuizen | Compensatie voor extra uitgaven voor dorps- en buurthuizen (o.a. kwijtschelden huur, compensatie tegenvallende inkomsten etc.) | € 17 miljoen | € 83.000 | € 83.000 | |
Tijdelijk steunfonds voor lokale informatievoorziening | Ondersteuning lokale media. Verlenging tot eind 2020. Lokale medio kunnen aanvraag doen bij dit steunfonds. Loopt niet via de gemeente. | € 24 miljoen | nvt | nvt | nvt |
Toezicht en handhaving | Compensatie voor extra toezicht en handhavingskosten | € 50 miljoen | € 229.000 | € 229.000 | |
Tijdelijke corona banen toezicht en handhaving | € 60 miljoen | loopt via aparte uitkering | |||
Afvalinzameling | Compensatie voor hogere kosten | € 32 miljoen landelijk gereserveerd | pm | pm | |
Verkiezingen | Compensatie voor extra kosten voor de organisatie van verkiezingen in 2021 | € 30 miljoen in 2020 en € 22 miljoen in 2021 | € 268.534 | € 268.534 | |
€ 21.202.562 | € 2.316.350 | € 23.518.912 |
We hebben vanuit het Rijk dus al voor diverse beleidsterreinen concrete compensatiegelden gekregen. Voor een aantal onderdelen ontvangen we nog gelden, maar daarvan is de hoogte op dit moment nog niet bekend. Bijvoorbeeld voor aanvullende compensatie inkomstenderving 2020 en 2021, voor extra kosten afvalinzameling 2020, voor TONK (Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten) 2021, voor Perspectief jeugd en jongeren 2021, voor het pakket Flankerend Beleid (re-integratie en schuldhulpverlening) 2022. Deze posten staan bovenstaand als PM in de tabel en hierover ontvangen we in 2021 meer informatie.
Buiten het gemeentefonds om worden in 2020 en 2021 nog meer compensaties verstrekt in de vorm van specifieke uitkeringen (SPUK’s). Dat betreft:
- Zwembanen en ijsbanen: € 100 miljoen.
- Verlenging steun aan sportverenigingen: € 90 miljoen.
- Toezicht en handhaving: € 60 miljoen (tijdelijke COVID-19 banen).
- TOZO 3 regeling (gemeente schiet dit voor en het Rijk compenseert, maatwerk per gemeente).
Hoe gaan we met deze cijfers om?
In de programmabegroting 2021-2024 is besloten om bovenstaande uitkeringen zoveel als mogelijk binnen de geest en bedoeling van deze uitkeringen te besteden. Het zijn geen verplichte bestedingsdoelen, maar we willen deze rijksgelden wel zo goed mogelijk koppelen aan onze compensatiemaatregelen.
We spreken de algemene reserves pas aan wanneer de COVID-19 vergoedingen uit het Rijk niet voldoende blijken te zijn.
Hierbij willen we ook opmerken dat er sprake is van grote diversiteit in de rijksregelingen. Een aantal regelingen zijn ter compensatie van maatschappelijke kosten (bijvoorbeeld de gelden voor maatschappelijke opvang en de gelden voor ons SW bedrijf), anderen zijn bedoeld als vergoeding voor extra kosten/ gemiste opbrengsten die we als gemeenten hebben gemaakt voor de uitvoering van regelingen. De bedragen in de tabellen lijken aanzienlijke bedragen echter we de meerjarige effecten van deze crisis zijn blijft lastig te voorspellen.
Financiële ondersteuningsmaatregelen
De problematiek is waarschijnlijk groter dan wij als gemeente aankunnen. We zullen keuzes moeten maken. Ter ondersteuning van inwoners, bedrijven en instellingen sluiten we zo veel mogelijk aan bij de landelijke regelingen van het kabinet. Vervolgens kijken we naar provinciale regelingen, de banken en de branche-organisaties. Ook kijken we naar onze eigen rol. Bewust in deze volgorde. Primair staan wij aan de lat voor onze beleidstaken.
In de prioriteitennota 2021-2024 en in de programmabegroting 2021-2024 hebben we de volgende criteria vastgesteld:
- We geven inkomenssteun aan mensen die dat nodig hebben, geen omzetsteun aan bedrijven, of sectoren
- Helpen verdienen is beter dan helpen besparen
- Op naar werk
- We investeren in samenleven
- We investeren in zorgcontinuïteit
- We zijn en blijven een financieel gezonde organisatie.
Inkomenssteun wel, omzetsteun niet
We geven inkomenssteun aan mensen die dat nodig hebben. Werknemers, ondernemers, zzp-ers enzovoort. Bijstand, bijzondere bijstand en andere gemeentelijke instrumenten zijn daarvoor beschikbaar. Landelijke financiële steunregelingen voeren we met voorrang uit. We lobbyen waar mogelijk voor meer regelingen, langere termijnen, ruimere voorwaarden. Meer kunnen we niet doen. Het is niet onze rol om individuele bedrijven te behoeden van de ondergang. Evenmin kunnen we hele sectoren financieel redden. Hoe vervelend we dat ook vinden. Het is de rol van de markt. Het is ook niet betaalbaar.
Verdienen boven besparen
Het weer beter gaan draaien van de economie is vitaal. We hebben met z’n allen de producten en diensten nodig. We hebben ook het werk en het inkomen dat er bij hoort nodig. We dragen op een aantal manieren bij aan herstel.
We doen dat tijdelijk door bij te dragen aan lastenverlichting voor bedrijven. Denk aan het verlengen van betaaltermijnen of het kwijtschelden van bepaalde lasten. Maar dat is niet voldoende. We willen bedrijven vooral helpen verdienen. Ruimte voor ondernemerschap. Waar ondernemers anderen meekrijgen, zullen we welwillend meewerken aan ook vernieuwende of tijdelijke plannen. Denk verder onder andere aan: onze eigen investeringen en uitgaven naar voren halen, koop lokaal acties steunen, kennis verbinden. Maar ook: het ondernemingsklimaat versterken. Het mogelijk maken van grotere terrassen, drive-ins, extra standplaatsen, verkoop aan particulieren door groothandels, etc. Hiermee hebben we veel ondernemers kunnen steunen.
Op naar werk
Inkomenssteun in soms nodig, werk is beter. Bijdragen aan werkgelegenheid, maar zeker ook aan scholing en aan matching zijn belangrijk. Voor economische stabiliteit en draagkracht voor de gevolgen van de crisis. Voor inkomensvoorziening, lager zorggebruik maar zeker ook om zoveel mogelijk mensen weer mee te kunnen laten doen.
Samenleven mogelijk maken
Samenleven betekent onder andere kunnen sporten, ontmoeten, cultuur maken en van cultuur genieten. De inwoners, verenigingen en culturele ondernemers zorgen daar grotendeels zelf voor. Daar bouwen en vertrouwen we op. De gemeente subsidieert van oudsher een belangrijk deel van de sector. De hele sector krijgt zware klappen. De rijksmaatregelen lijken maar een klein deel daarvan op te vangen. De crisis gaat wellicht leiden tot het stoppen van sommige aanbieders. Misschien kunnen niet alle accommodaties en plannen die we er voor hadden behouden blijven. En misschien is het tijd om een aantal vernieuwingen door te voeren. Maar we staan samen met aanbieders, vrijwilligers en organisaties garant voor een essentieel niveau van maatschappelijke voorzieningen.
Basaal zorg- en welzijnslandschap
Beschikbaarheid van zorg- en welzijnsaanbod is vitaal. We hebben een morele en juridische verantwoordelijkheid. We investeren in behoud van diversiteit van zorgaanbieders zodat er voldoende aanbod blijft. Reisafstanden, keuzemogelijkheden, voorkeursaanbieders, het kan allemaal minder optimaal zijn. Maar beschikbaarheid van zorg- en welzijnsaanbod is noodzakelijk.
Financieel gezonde organisatie
We zijn en blijven een financieel gezonde organisatie.
- We zorgen voor sluitende begrotingen, met uitzondering van de jaren waarin we nog een rijksbijdrage op jeugd verwachten
- We doen bij alle steunmaatregelen een check: korte termijn hulp (incident) moet niet leiden tot verplichtingen die op termijn niet vol te houden zijn.
Onderstaand is een overzicht opgenomen van genomen financiële maatregelen.
Specifieke financiële ondersteuningsmaatregelen
Ondersteuningsmaatregelen waarover – tot nader orde -reeds besloten is:
Onderwerp | Toelichting | Bedrag uitgegeven 2020 |
---|---|---|
Uitstel van betaling |
| - |
Betaling van rekeningen door gemeente | Facturen worden z.s.m. betaald (streven binnen 15 dagen). Dit is in 2020 ook gerealiseerd. | - |
Uitstel belastingen |
Hierna is e.e.a. weer opgestart. Er wordt coulant omgegaan met verzoeken om betaalregelingen. | - |
Uitstel betaling pacht-overeenkomsten | In mei verstuurden we facturen voor de tweede helft van 2020. Voor deze factuur geldt een verlengde betalingstermijn van 90 dagen. | - |
Uitstel van betaling verbeurde dwangsommen VTH | We hebben uitstel van betaling verleend van in te vorderen dwangsommen tot 1 augustus 2020. Daarna afhankelijk van de situatie rondom COVID-19 en de gevolgen daarvan met maatwerk bepalen hoe de betaling kan worden voldaan. Vanaf oktober is invordering weer opgestart (zie eerder). | - |
Markten |
Vervolgens betalen kooplieden marktgelden alleen op de momenten dat ze op de markt mogen staan. | Gemiste opbrengst circa € 28.000. |
Doorbetaling aan aanbieders sociaal domein | Om de continuïteit van zorg landschap te bewaren, is besloten tot doorbetaling Wmo dienstverlening voor ZIN en doorbetaling PGB Wmo en Jeugd. Vanaf 1 juli hebben we de zorgaanbieders gevraagd de reguliere dienstverlening weer op te starten en betalen we weer alleen de geleverde zorg. | Meerkosten jeugdhulp: Meerkosten Wmo: € 64.381 Meerkosten maatschappe-lijke opvang: Tekorten SW: |
Doorbetaling regiotaxi | De gemeenschappelijke regeling betaalt:
| - |
Doorbetaling leerlingenvervoer | Uitgangspunt is (conform de richtlijn van de VNG):
| |
Uitvoeren TOZO- regeling | Uitvoering van landelijke regeling | € 16.170.078 |
Handhaving centrum/ |
Op gebied van parkeren krijgen we in 2020 een financieel nadeel (circa € 175.000 per maand). | € 980.000 |
Precariobelasting | Besloten is om voor terrassen en uitstallingen voor het gehele jaar 2020 geen precariobelasting te innen. | € 52.000 |
Bedrijfsafval voor ondernemers | We hanteren dezelfde aanpak als in ’s-Hertogenbosch, omdat we samen met hen in de regio het bedrijfsafval doen. Concreet kan het contract (abonnement) op verzoek om gezet worden naar lediging op afroep: op deze manier blijft de container wel staan (wordt de beperkte huur ervan wel doorbelast), maar worden de ledigingskosten tijdelijk stilgezet. | |
Ondersteuningsmaatregelen voor de amateurorganisaties in Oss: sport-cultuur-ontmoeten-zorg-maatschappelijke dienstverlening-evenementen-recreatie/toerisme | Algemene uitspraken:
| |
Kwijtschelding huur voor amateurorganisaties sport & cultuur | We schelden de huur kwijt van de gemeentelijke accommodaties op het gebied van sport en cultuur voor de periode 16 maart tot 1 juli. De kosten hiervan zijn respectievelijk voor sport € 135.597 en voor cultuur € 91.000. Deze bedragen zijn lager dan oorspronkelijk door aanpassing van landelijke compensatieregelingen. | € 135.597 (sport) |
Verlengen lening overeenkomsten diverse sport en cultuurinstellingen | We hebben besloten om:
Dit geldt voor alle instellingen en verenigingen die een lening bij de gemeente hebben afgesloten. | € 272.000 |
Compensatiemaatregelen professionele cultuur- en sportorganisaties | Voor de professionele instellingen op het gebied van Sport, Cultuur en Ontmoeten geldt dat we pas echt een goed beeld hebben van de schade als gevolg van COVID-19 als we beschikken over de (concept) jaarrekeningen 2020 van deze instellingen. Op basis daarvan gaan we in 2021 in gesprek over de schade en de mogelijke vergoeding. Uiteraard zijn we tussentijds in gesprek hierover. | - |
Compensatieregeling voor Wijk- en dorpshuizen | We compenseren de exploitatietekorten van de wijk- en dorpshuizen voor de periode van 16 maart tot en met 31 december 2020. We hebben € 83.000 ontvangen va het Rijk, het restant tekort van € 108.097 melden we als nadeel in de jaarrekening. | € 191.097 |
Risico's door COVID-19 crisis
De huidige crisis heeft grote impact op alle inwoners, bedrijven en instellingen. De huidige crisis raakt veel beleidsterreinen van onze organisatie. We monitoren onze risico’s en die van onze partners voortdurend. Maar we weten ook nog heel veel niet. We bewaken onze liquiditeitspositie goed en nemen zo nodig maatregelen om onze taken gedurende deze crisis zo goed mogelijk te blijven uitvoeren.
We zien door de COVID-19 crisis belangrijke financiële risico’s op de volgende terreinen:
Risico | Korte toelichting |
---|---|
Programma 1. Zorg en welzijn | |
Kosten Wmo en jeugd | Er zijn afspraken gemaakt om zorg op deze terreinen door te betalen. Aanbieders hebben extra kosten gemaakt. Er is een landelijke regeling gekomen om aanbieders te compenseren voor deze meerkosten, in eerste instantie voor de periode tot 1 juli 2020. Daarna is de regeling verlengd tot het einde van het jaar. Inmiddels is de regeling nog een keer verlengd, namelijk tot 1 januari 2022.
Deze gelden hebben we via de septembercirculaire 2020 afgezonderd en zijn daarmee voor dit doel beschikbaar.
De regionale inkooporganisatie jeugd werkt dit regionaal uit voor jeugdhulp. Wij coördineren dit regionaal voor de Wmo en beschermd wonen. In hoeverre de compensatie van het Rijk voldoende is, is op dit moment nog niet bekend. Er wordt nu gewerkt aan de aanvragen meerkosten over de periode 1 juli – 31 december 2020, zowel voor Wmo als jeugd. Daarnaast weten we nog niet hoeveel vergoeding van het Rijk we krijgen voor de meerkosten in 2021. |
Kosten leerlingenvervoer en Regiotaxi | Ook op deze gebieden zijn afspraken gemaakt om betalingen (deels) door te laten lopen, ondanks dat de prestatie niet altijd is geleverd. De ontwikkeling van de kosten vanaf 2021 en verder voor de Regiotaxi is nog erg onzeker door de corona-crisis. In 2020 zijn er minder ritten gereden. Voor de maanden maart t/m augustus hebben we 80% in de vorm van een voorschot betaald. De daadwerkelijk gereden ritten zijn voor 100% vergoed. Sinds september betalen we een variabele kostprijs op basis van het daadwerkelijk aantal gereden kilometers. Deze regeling is inmiddels verlengd en geldt nu ook voor 2021, met een evaluatiemoment in juli 2021. We hebben in de begroting geen rekening gehouden met de volumegroei die we in 2019 zagen door te veel onzekerheid door de corona-crisis. Het is nog niet duidelijk wat voor impact de crisis heeft op de manier van het vervoeren en op het aantal ritten. De komende periode wordt hopelijk duidelijker wat dat betekent voor onze kosten in 2021 en verder. |
Beschermd wonen | Verwachting dat instroom en uitstroom zal stagneren. Daardoor mogelijk tekort op het aantal plaatsen. |
Maatschappelijke Opvang | Bij de maatschappelijke opvang is de capaciteit tijdelijk uitgebreid om geen dak- en thuislozen op straat te hebben tijdens de COVID-19 crisis. Ook zijn er voorzieningen vrij gemaakt om besmette bewoners te kunnen opvangen. Voor zover we kunnen zien lijken de kosten beperkt.
Deze gelden hebben we via de septembercirculaire 2020 afgezonderd en zijn daarmee voor dit doel beschikbaar. |
Meer vraag naar Zorg | Hoe het aantal aanvragen Wmo en jeugdhulp zich zal ontwikkelen als gevolg van COVID-19 crisis is niet te voorspellen. |
Programma 2. Werk, inkomen en onderwijs | |
Stijging aantal bijstandsuitkeringen | In 2020 is het aantal bijstandsuitkeringen gestegen. We verwachtten bij de afgelopen programmabegroting voor 2020 een tekort van € 352.000 ten opzichte van het rijksbudget wat we ontvangen. Dit is gemeld als 3O-ontwikkeling in deze begroting. |
Reguliere BBZ uitkeringen | Het is mogelijk dat er na de beëindiging van de TOZO regeling meer BBZ uitkeringen (Bijstand voor zelfstandigen) verstrekt zullen gaan worden. Vanaf 1-1-2020 valt de financiering van de BBZ uitkering levensonderhoud binnen de BUIG en daarmee is de gemeente 100% financieel verantwoordelijk. Voor de BBZ kredieten is de gemeenten 75% financieel verantwoordelijk. |
Stijging bijzondere bijstand | We verwachten een stijging van het aantal inwoners met een laag inkomen. Beroep op bijzondere bijstand zal daardoor stijgen. Op dit moment ervaren we, ondanks de corona-crisis, geen hogere werkdruk voor de bijzondere bijstand, maar de (landelijke) verwachting is dat de vraag naar bijzondere bijstand gaat stijgen. Het moment en de hoogte van het financiële effect hiervan is moeilijk in te schatten. |
Daling ontvangsten BUIG en bijzondere bijstand | Door de maatregelen ten gevolgen van COVID-19 waarin we coulanter zijn naar onze debiteuren en door uitvoering van de tussenmaatregel nieuwe beslagwetgeving, verwachten we een daling in de jaarlijkse ontvangsten en een langere looptijd voor terugbetalingen van schulden. Hierdoor ontstaat er een verhoogd risico dat schulden niet meer worden afbetaald. |
Participatiebudget | Door de COVID-19 crisis hebben re-integratie activiteiten tijdelijk stil gelegen. Daarna hebben we de activiteiten binnen de mogelijkheden zoveel mogelijk weer opgestart. We hebben te maken met een nieuwe doelgroep waarbij we kosten maken voor (om)scholing en bemiddeling naar werk waar in sectoren waar nu kansen liggen. Wat dit betekent voor de toekomstige uitgaven vanuit het Participatiebudget en de toereikendheid van het budget is nog niet bekend. |
Schuldhulpverlening | We zien tot nu toe nog geen toename in het beroep op de gemeentelijke schuldhulpverlening, maar het aantal mensen met financiële problemen zal verder toenemen. Voor veel inwoners geldt dat ze financiële tegenslag voorlopig zullen kunnen opvangen, al dan niet dankzij de steunpakketten, maar dat er ook een einde aan die rek zit. We zijn bezig met een plan van aanpak voor vroegsignalering. Daarmee proberen we inwoners eerder te bereiken, voordat van zeer grote problemen sprake is. Er bestaat nog steeds het risico dat het beroep dat op de gemeentelijke schuldhulpverlening gedaan gaat worden zo groot wordt dat de bestaande capaciteit daarvoor onvoldoende is. Hier is geen goede en betrouwbare voorspelling van te maken. Een landelijk onderzoek door Deloitte geeft aan dat in 2021 tussen de 1,5 en 2,6 miljoen mensen meer in de schulden komt, waarvan 40% problematisch. |
IBN werkbedrijf | Het risico opgenomen in de programmabegroting dat IBN een flink tekort verwacht in 2020 en over het jaar 2019 geen dividend uitkeert heeft zich niet voorgedaan. We hebben vanuit het Rijk compensatie ontvangen (€ 1.391.000) voor verwachte tekorten bij SW bedrijven door (gedeeltelijke) sluiting en wegvallen van opbrengsten. Dit voor de periode 1 maart tot 31 december 2020. Bovendien is het bedrag dat landelijk per Wsw-er (als onderdeel van het Participatiebudget) beschikbaar wordt gesteld in 2020 nog verhoogd. IBN verwacht geen negatief resultaat meer in 2020, dus is de AGR inmiddels net als andere jaren weer aangevuld met de dividenduitkering over het jaar 2019. |
Programma 3. Ontmoeten, sport en cultuur | |
Algemeen risico culturele organisaties inclusief MFA’s | Schade bij culturele organisaties en onze multifunctionele accommodaties door de opgelegde sluiting. We ontvangen vanuit het Rijk gelden voor het overeind houden van lokale en regionale cultuur sector. Of dit voldoende is, zal bij de verdere uitwerking van ondersteuningsmaatregelen blijken. |
Professionele culturele instellingen | De financiële gevolgen voor de professionele cultuurinstellingen zijn nog niet inzichtelijk te maken, maar zullen fors zijn. Aan de hand van de jaarrekeningen van de instellingen brengen we de financiële tekorten in kaart en nemen we passende maatregelen. |
Golfbad Oss | het Golfbad maakt gebruik van landelijke ondersteuningsmaatregel. Wat het financieel effect is, is nu nog niet te zeggen. Vooralsnog wordt ervan uitgegaan dat het Golfbad de financiële gevolgen kan opvangen vanuit het positieve jaarrekeningresultaat 2019. Op basis van de jaarrekening 2020 beoordelen we hoe vanuit een integrale aanpak ondersteuning bieden. |
Omroep Maasland | Omroep heeft te maken met grote terugval in advertentie-inkomsten. Effect op langere termijn lastig in te schatten. Er is een tijdelijke steunfonds voor lokale media waar de omroep een aanvraag kan doen voor ondersteuning. Dat steunfonds bevat € 35 miljoen voor geheel 2020. Deze loopt niet via de gemeente. |
Programma 4. Dynamisch stadscentrum | |
Algemeen | We zien op dit moment geen grote directe financiële risico's binnen dit programma. Wel zien we uiteraard belangrijke risico's in de ontwikkeling van de binnenstad (effecten voor winkeliers/ horeca etc). |
Programma 5. Zuinig op ons klimaat | |
Kringloop | De crisis heeft in de eerste fase van de crisis grote impact op de exploitatie van het Kringloopbedrijf door wegvallende inkomsten gehad. De inkomsten zijn hierna weer wat hersteld, maar de financieringspositie van het kringloopbedrijf blijft onder druk staan. |
Programma 6. Vitale economie | |
Grondverkopen industrie | Er blijft op dit moment nog voldoende belangstelling voor onze uit te geven gronden. Effect op langere termijn is niet te voorspellen. Hoeveelheid te verkopen hectare is nog beperkt (uitz. Heesch West). |
Havengelden | Door minder economische activiteit in de haven is de opbrengst havengelden minder dan begroot. Wat het effect is voor 2021 is lastig in te schatten. |
Programma 7. Mobiliteit | |
Parkeren | Sluiting van de winkels en terugloop van het aantal bezoekers in centrum leidt ook in 2021 tot lagere parkeeropbrengsten. In hoeverre dit gecompenseerd wordt door het Rijk is nog niet duidelijk. |
Programma 8. Aantrekkelijk wonen in Oss | |
Grondverkopen woningbouw | Effect op langere termijn is niet te voorspellen. Hoeveelheid te verkopen hectare is nog beperkt. Nieuw op te starten projecten kennen een langere doorlooptijd, zodat het risico verkleind wordt. Via taskforce zetten we in op anticyclisch investeren. |
Leges omgevingsvergunning | De mogelijkheid bestaat dat door de crisis het aantal aanvragen om een omgevingsvergunning in 2021 achter blijft. Dat heeft gevolgen voor de bouwleges. |
Programma 10. Besturen in verandering van tijden | |
Leges publieksdiensten | In 2020 zagen we afname van het aantal huwelijken. Wat de effecten zijn in 2021 is op dit moment nog niet te overzien. |
Gemeente als werkgever | In verband met hygiëne maatregelen, aanpassingen op 1,5 meter, digitale vergaderfaciliteiten en faciliteren thuiswerken maken we extra kosten. Exact beeld wat dit voor de toekomst betekent werken we op dit moment uit. |
Programma 11. Financieel solide | |
Uitstel van ontvangsten/ later versturen facturen | We ontvangen later ons geld (en ook soms minder) wat effect heeft op onze financieringspositie. Door extra geld aan te trekken verkleinen we dit risico. |
Toeristenbelasting | Het aantal overnachtingen in 2020 zal aanzienlijk lager liggen dan voorgaande jaren. De begrote opbrengst is jaarlijks € 230.000. We werken met een systeem van achteraf aangifte doen. Dus de opbrengst in 2021 betreft het aantal overnachtingen in 2020. We moeten dus rekening houden met minder inkomsten in 2021. We ontvangen € 57.000 vanuit het Rijk compensatie voor de gemiste inkomsten uit toeristenbelasting. We weten nog niet of dit voldoende is. |
Rente en aflossing in 2021 | In 2020 hebben verenigingen en instellingen de mogelijkheid gekregen om in dat jaar geen rente en aflossing te betalen, onder voorwaarde van ondertekening van aanvullende overeenkomst waarbij de looptijd van de lening wordt verlengd met 1 jaar. Hoe we hiermee omgaan in 2021 moet nog besluitvorming over plaatsvinden. |
Oninbaarheid gemeentelijke vorderingen | De gemeente voert een ruimhartig beleid voor uitstel van betaling sinds de COVID-19 crisis. Afhankelijk van de omvang van de recessie verwachten we dat een deel van de vorderingen niet inbaar zal zijn. Op dit moment is niet in te schatten hoeveel. Dit risico geldt ook voor de BSOB. |