Samenvattend financieel beeld
Inleiding
Voor u ligt de programmarekening 2020 van de gemeente Oss. Deze programmarekening bestaat uit het jaarverslag en de jaarrekening. Hiermee leggen wij, het college van B&W, verantwoording af over het gevoerde beleid van de gemeente in 2020.
Deze verslaglegging over de gemeentelijke prestaties en bestedingen in het jaar 2020 zijn uitwerkingen van de beleidsvoornemens uit de programmabegroting.
In de aanbiedingsbrief hiervoor is al ingegaan op het inhoudelijke verhaal. In dit hoofdstuk ligt de nadruk op bijzonderheden in financieel opzicht.
Rekeningresultaat 2020
De jaarrekening 2020 sluit met een positief saldo van € 8 miljoen. In de volgende tabel zijn de rekeningcijfers vergeleken met de bijgestelde begroting (na verwerking van de 3O-ontwikkelingen in de financiële tussenrapportage 2020 en de programmabegroting 2021-2024).
+ is uitgaven/nadelig saldo | |||
Omschrijving | Rekening 2020 | Begroting 2020 na wijziging | Verschil |
---|---|---|---|
Lasten | 320.998 | 372.811 | -51.813 |
Baten | -342.901 | -374.164 | 31.264 |
Saldo programma’s | -21.903 | -1.353 | -20.550 |
Stortingen reserves | 34.514 | 30.547 | 3.968 |
Onttrekkingen reserves | -20.622 | -27.179 | 6.557 |
Mutaties reserves | 13.893 | 3.368 | 10.524 |
Jaarrekeningresultaat | -8.010 | 2.015 | -10.025 |
In het hoofdstuk Bestemming rekeningresultaat wordt voorgesteld het saldo van € 8,0 miljoen als volgt in te zetten:
- Een bedrag van € 5,3 miljoen over te hevelen naar 2021 en te bestemmen voor de uitvoering/afronding van diverse projecten.
- Een bedrag van € 1,8 miljoen over te hevelen om deze in 2021 voor COVID-19 compenserende maatregelen.
- Het resterende bedrag van € 0,93 miljoen te storten in de algemene reserve.
Het positieve saldo van de jaarrekening kent een aantal oorzaken. In de volgende tabellen zijn de belangrijkste voor- en nadelen opgenomen. Deze voor- en nadelen verklaren per saldo een bedrag van € 9 miljoen.
Belangrijke voordelen
|
---|
Belangrijke nadelen
|
---|
Belangrijke mutaties in reserves
Onderstaande posten zijn belangrijke afwijkingen binnen reserves. Per saldo hebben deze afwijkingen geen effect op het jaarrekeningresultaat. Wel hebben ze direct invloed op de reservepositie.
|
---|
Een uitgebreide toelichting op de financiële afwijkingen is in de programma’s van het jaarverslag opgenomen.
Financiële positie
In deze paragraaf wordt in het kort de financiële positie van de gemeente weergegeven door te kijken naar de volgende onderdelen:
A. Weerstandsvermogen en weerstandsratio
B. Financieringspositie
C. Reservepositie
A. Weerstandsvermogen en weerstandsratio
Het weerstandsvermogen geeft de financiële gezondheid van de gemeente weer. We drukken deze uit in een ratio. De uitkomst van de ratio moet in beginsel minimaal 1 zijn. Op hoofdlijnen is het beeld als volgt:
Omschrijving | Bedrag/ratio incidenteel | Bedrag/ratio structureel |
---|---|---|
Geïnventariseerde risico’s | € 8,9 miljoen | € 1,1 miljoen |
Weerstandscapaciteit | € 39,1 miljoen | € 3,5 miljoen |
Weerstandsratio | 4,40 | 3,31 |
De conclusie hieruit is dat de weerstandscapaciteit van voldoende omvang is om de gekwantificeerde risico’s te ondervangen. Er is ook ruimte voor het opvangen van onvoorziene risico’s.
We maken echter wel de kanttekening dat de COVID-19 crisis voor grote onzekerheid zorgt. Het is onduidelijk wat voor (financiële) effecten deze crisis heeft voor de toekomst. De huidige crisis en de ontwikkelingen noodzaken dat we moeten sturen met grote onzekerheid. We volgen daarom nauwgezet alle ontwikkelingen en gevolgen voor onze inwoners, bedrijven en instellingen. Uiteraard ook de gevolgen voor onze eigen begroting. We volgen kritisch alle landelijke ondersteuningsmaatregelen en bepalen welke aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn.
Ten opzichte van de programmabegroting zijn er een aantal risico's vervallen. Deze zijn inmiddels concreet geworden en de effecten hiervan zijn verwerkt in deze jaarrekening.
B. Financieringspositie
De financieringspositie geeft de verhouding aan tussen beschikbare financieringsbronnen op langere termijn (reserves, voorzieningen en langlopende geldleningen) ten opzichte van de investeringen in vaste activa. Hiermee geeft het dus aan op welke manier de activa gefinancierd zijn.
De financieringspositie geeft aan dat er eind 2020 een financieringsoverschot is van afgerond € 34,8 miljoen. Hiervan kan het volgende overzicht worden gegeven:
bedragen x € 1.000 | ||
Omschrijving | 1 januari 2020 | 31 december 2020 |
---|---|---|
Reserves | 119.021 | 136.157 |
Resultaat jaarrekening | 3.243 | 8.010 |
Voorzieningen | 41.832 | 45.322 |
Langlopende geldleningen | 111.781 | 98.461 |
Subtotaal | 275.877 | 287.950 |
Immateriële vaste activa | 1.242 | 1.209 |
Materiële vaste activa | 215.259 | 227.297 |
Financiële vaste activa | 28.969 | 24.641 |
Subtotaal | 254.470 | 253.147 |
Financieringsoverschot | 30.407 | 34.803 |
De gemeente is in verhouding in totaal dus meer gefinancierd met langlopende middelen. Dit komt doordat we onze voorraad aan grondexploitaties ook grotendeels gefinancierd hebben met langlopende middelen. We zien in 2020 wel een afname van langlopende geldleningen van circa € 13 miljoen. Voor meer informatie verwijzen we naar de toelichting op de balans.
C. Reservepositie
De reservepositie geeft het volgende beeld:
bedragen x € 1.000 | |||
Omschrijving | 1 januari 2020 | 31 december 2020 | |
---|---|---|---|
Algemene reserve | 23.051 | 23.642 | |
Algemene reserve grondbedrijf | 13.178 | 24.257 | |
Reserves ter dekking begroting | 17.780 | 15.864 | |
Bestemmingsreserves ter afdekking van afschrijvingslasten | 23.238 | 23.090 | |
Overige bestemmingsreserves | 41.774 | 49.304 | |
Resultaat jaarrekening | 3.243 | 8.010 | |
Totaal | 122.264 | 144.167 |
De totale reservepositie is gestegen met bijna € 22 miljoen. De algemene reserve blijft op niveau. Dit komt wel door uitgestelde uitgaven. Rekening houdend met deze uitgaven en met tussentijdse begrotingstekorten (programmabegroting 2021-2024) komt het saldo van de algemene reserve uit op ongeveer € 20,5 miljoen. De norm bedraagt € 18 miljoen.
De stijging van de reservepositie komt vooral door een stijging van de algemene bedrijfsreserve van het grondbedrijf (winstnemingen in 2020) en door een stijging van de bestemmingsreserves. In de programmabegroting 2021-2024 is overigens besloten om de algemene bedrijfsreserve van het grondbedrijf in te zetten voor diverse investeringsimpulsen. Het saldo wordt hierdoor in 2021 weer lager.
De reserves die ingezet worden ter dekking van de begroting en voor afschrijvingslasten dalen conform eerdere besluitvorming. Voor meer informatie verwijzen we naar de toelichting op de balans, onderdeel reserves.
Financiële positie grondbedrijf
De paragraaf grondbeleid en het MPG bevatten de verantwoording van het grondbedrijf over het afgelopen jaar en geven inzicht in de prognose tot en met het jaar 2024.
Ontwikkeling boekwaarde
De boekwaarde van de grondexploitaties per 31 december 2020 is € 80,3 miljoen. Dit is inclusief het Osse aandeel van de boekwaarde van het intergemeentelijke project Heesch-West en inclusief beheercomplexen en immateriële vaste activa. Dit betekent ten opzichte van eind 2019 een afname van € 17 miljoen. Deze boekwaarde bestaat uit gronden en uit kosten die wel al gemaakt hebben voor diverse projecten.
Actuele prognose
De actuele prognose uit het MPG geeft het volgende totaalbeeld:
bedragen x € 1.000 | ||||
Omschrijving | Boekwaarde per 31-12-2020 | Verlies-voorzieningen | Reserves | |
---|---|---|---|---|
Herstructureringsplannen | 9.519 | 17.574 | ||
Woningbouwcomplexen | 3.295 | |||
Industrieterreinen | 11.307 | |||
Heesch West | 21.445 | 13.106 | 2.042 | |
Beheercomplexen | 33.495 | |||
Immateriële vaste activa | 1.260 | 1.260 | ||
Totaal | 80.321 | 31.940 | 2.042 |
De verwachte winstnemingen over de jaren laten de volgende prognose zien:
bedragen x € 1.000 | |||||
Omschrijving | 2020 | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 |
---|---|---|---|---|---|
Herstructureringsplannen | 86 | 325 | 18 | 0 | 0 |
Woningbouwcomplexen | 4.355 | 1.436 | 1.483 | 1.264 | 1.516 |
Industrieterreinen | 9.990 | 2.704 | 1.828 | 1.966 | 0 |
Totaal | 14.431 | 4.465 | 3.329 | 3.230 | 1.516 |
Uit deze overzichten valt op te maken dat we de komende jaren nog een toekomstige winst van circa € 12,5 miljoen verwachten. Winstnemingen gaan naar de ABR (algemene bedrijfsreserve grondbedrijf). De ABR dient namelijk als weerstandsvermogen. Als het weerstandsvermogen voldoet aan de eisen van de risico-analyse dan kunnen we het extra saldo besteden aan andere ontwikkelingen. Een belangrijke ontwikkeling hierbij zijn de uitwerkingen van de taskforce woningbouw en bedrijventerreinen. Om te voldoen aan de ambities op het gebied van woningbouw en industrie is een actief grondbeleid noodzakelijk en zullen investeringen hierin nodig zijn (bijvoorbeeld voor onrendabele binnenstedelijke ontwikkelingen en bovenwijkse voorzieningen). Richting de programmabegroting 2022-2025 worden voorstellen uitgewerkt.
Reserves en voorzieningen grondbedrijf
De algemene bedrijfsreserve van het grondbedrijf (ABR) is bedoeld om risico’s af te dekken die zich binnen het grondbedrijf kunnen voordoen. Voor de bepaling van de risico’s maken we gebruik van de Monte-Carlomethode binnen het grondbedrijf. Hiermee bewerkstelligen we een eenduidig risicobeleid waarbij alle risico's van de grondexploitaties worden meegenomen In het volgende schema is een totaaloverzicht gegeven van de ontwikkeling van de ABR in 2020:
bedragen x € 1.000 | ||
Omschrijving | Bedrag | |
---|---|---|
Stand per 1 januari 2020 | 13.177 | |
- Rente | 158 | |
- (Tussentijdse) winstnemingen industrie | 9.990 | |
- (Tussentijdse) winstnemingen woningbouw | 4.355 | |
- (Tussentijdse) winstnemingen herstructurering | 86 | |
- Bijstelling voorziening immateriële activa | 344 | |
- Verkoop beheer- en overige gronden | 2.719 | |
Stortingen | 17.652 | |
- Vorming voorziening te verwachten exploitatieverliezen | -586 | |
- Onttrekking voor de reserve strategische aankopen | -500 | |
- Onttrekking voor projecten in reguliere begroting | -2.950 | |
- Onttrekking ontwikkeling kapelaan Nausstraat | -700 | |
- Afboeking maatschappelijk vastgoed Hooghuis | -1.726 | |
- Taskforce versnelling woningbouw/ bedrijventerreinen | -87 | |
- Overige | -23 | |
Onttrekkingen | -6.572 | |
Stand ABR per 31 december 2020 | 24.257 |
Op basis van een meerjarenprognose en de risicoanalyse is het verloop van de reserves en voorzieningen binnen het grondbedrijf als volgt:
bedragen x € 1.000 | |||||
Omschrijving | 31 december 2020 | 31 december 2021 | 31 december 2022 | 31 december 2023 | |
---|---|---|---|---|---|
Algemene bedrijfsreserve | 24.257 | 22.227 | 25.629 | 27.355 | |
Reserve strategische aankopen | 1.000 | 624 | 624 | 624 | |
Risicoreserve Heesch West | 2.042 | 2.042 | 2.042 | 2.042 | |
Voorziening immateriële vaste activa | 1.260 | 1.820 | 1.966 | 2.014 | |
Voorziening exploitatieverliezen | 17.454 | 18.139 | 16.023 | 13.516 | |
Voorziening strategische gronden | 0 | 376 | 376 | 376 | |
Voorziening Heesch West | 13.106 | 0 | 0 | 0 | |
Totaal | 59.239 | 45.228 | 46.660 | 45.927 |
De algemene bedrijfsreserve stijgt de komende jaren. De minimale omvang van deze reserve bedraagt € 5,6 miljoen in 2021 en stijgt naar circa € 6,5 miljoen in 2025. Het bedrag boven deze minimale ABR kunnen we afromen naar de algemene middelen. Op basis van de prognose bij de programmabegroting 2021-2024 is besloten om de ABR in 2021 met € 5,7 miljoen te verlagen. Daarnaast is besloten om het restant voorlopig te reserveren voor een versnelling van de woningbouw en bedrijventerreinen. De taskforce die hiervoor ingesteld is, komt met concrete voorstellen. Hoe om te gaan met de toekomstige stijging van de ABR zal hierin meegenomen worden.
In de voorziening exploitatieverliezen is het verwachte verlies van de grondexploitatie voor het Walkwartier opgenomen (ruim € 11 miljoen). Hierin zitten ook verliezen gekoppeld aan andere projecten.
Voor het project Heesch West is op basis van de regionaal vastgestelde grondexploitatie een verwacht verlies van € 13,1 miljoen afgedekt (in een voorziening). Daarnaast hebben we op basis van onze risicoanalyse een aanvullende risicoreserve van afgerond € 2 miljoen voor Heesch West gevormd.
Voor een specificatie verwijzen we naar het MPG, de paragraaf grondbeleid en de toelichting op de balans.
Ontwikkelingen na 2020
De uitbraak van COVID-19 (Corona) heeft directe invloed gehad op de uitkomsten van de jaarrekening 2020. Op diverse beleidsterreinen hebben we extra gelden vanuit het Rijk ontvangen voor ondersteuningsmaatregelen en hebben we zelf extra kosten gemaakt voor ondersteunende maatregelen. Een totaaloverzicht is zo goed als mogelijk weergegeven in een apart hoofdstuk over COVID-19. Daarnaast zien we directe effecten doordat bijvoorbeeld projecten/ evenementen zijn uitgesteld.
De huidige crisis zal ook meerjarig effecten hebben op de financiële positie van de gemeente. De huidige crisis heeft grote impact op alle inwoners, bedrijven en instellingen. Het raakt veel beleidsterreinen van onze organisatie. Ter ondersteuning van het bedrijfsleven sluiten we zo veel mogelijk aan bij de landelijke regelingen van het kabinet. Vervolgens kijken we naar provinciale regelingen en ook kijken we naar onze eigen rol. Uitgangspunt daarbij is dat we zo veel mogelijk het zorglandschap en economische/ maatschappelijke infrastructuur in stand houden. We willen een stabiele partner zijn, maar geen onverantwoorde wissel trekken op de toekomst.
We monitoren onze risico’s en die van onze partners voortdurend. Maar we weten ook nog heel veel niet. We bewaken onze liquiditeitspositie goed en nemen zo nodig maatregelen om onze taken gedurende deze crisis zo goed mogelijk te blijven uitvoeren.
Resultaatbestemming 2020
In de jaarrekening wordt voorgesteld om het positieve saldo van afgerond € 8 miljoen te bestemmen. We stellen voor om voor concrete projecten een bedrag van € 5,3 miljoen over te hevelen naar 2021 en te bestemmen voor de uitvoering van deze projecten en afronding van diverse projecten. Daarnaast hevelen we € 1,8 miljoen over wat is bedoeld voor COVID-19 maatregelen. Voor het restant van € 933.793 stellen we voor om dit in de algemene reserve te storten. De algemene vrije reserve is bestemd voor de opvang van algemene risico's en fluctuaties in de rekeningresultaten. De norm voor de algemene reserve is 10% van de algemene uitkering. Dat komt neer op een bedrag van € 18 miljoen. De hoogte van de algemene reserve is afgerond € 23,6 miljoen (voor bestemming rekeningresultaat). Door de tussentijdse begrotingstekorten gaan we ervan uit dat we € 20,5 miljoen aan vrije ruimte hebben. Daarnaast is besloten om eventuele extra compensatieregelingen voor COVID-19 te betalen uit de algemene reserve.
Accountantscontrole
De onafhankelijke accountant heeft op grond van artikel 213 van de Gemeentewet naast een getrouwheidsonderzoek ook een rechtmatigheidsonderzoek uitgevoerd naar de baten, lasten en balansmutaties. We hebben een goedkeurende verklaring ontvangen.